Aardperen

Aardperen, zoete knollen uit Noord-Amerika, verwant aan zonnebloemen. Winterhard, gezond, veelzijdig in keuken, hoe kweek je ze?

... Lees meer
2 producten
Sorteer op

Wat zijn aardperen?

Aardperen, officieel Helianthus tuberosus, zijn zoete knollen die in de 17de eeuw vanuit Noord-Amerika naar Europa werden ingevoerd. Uit de Latijnse naam kan je afleiden dat de aardpeer verwant is met de zonnebloemfamilie.

De schil van de knol is beige tot paarsachtig van kleur. Afhankelijk van de soort kan het vlees wit, bruin, geel of roodachtig zijn. De vorm is meestal vrij grillig en langwerpig alhoewel ook variëteiten bestaan die ronde aardperen produceren. De hoogte van de plant varieert tussen 1.5 en 3 m.

In tegenstelling tot aardappelen zijn aardperen winterhard. De aardperen behoren tot de categorie “vergeten groenten” die momenteel zowel bij de moestuinier als de landbouwer aan populariteit winnen.

Hoe kan ik aardperen planten?

Aardperen worden gekweekt uit knollen en niet uit zaad. Het poten van de knollen kan zowel in volle grond als in een pot of kuip. Indien de planten goed kunnen uitgroeien, heb je met twee planten ruim voldoende oogst voor een gezin van 2 tot 4 personen.

Aardperen worden best niet jaar na jaar op dezelfde plaats gekweekt. Dit is nochtans verleidelijk want als je enkele knolletjes niet oogst, geeft dit het jaar nadien nieuwe aardpeerplanten. Idealiter komen de aardpeerplanten pas na 4 jaar terug op hetzelfde perceel. Zo vermijd je stengel- en wortelrot. Verder speelt de vruchtwisseling geen rol. Het enigste waar je op moet letten is om aardperen niet te poten waar vorig jaar zonnebloemen groeiden omdat deze wel van elkaar familie zijn. Als je in pot kweekt en jaarlijks nieuwe potgrond en tuingrond gebruikt, heb je ook geen probleem.

Klimkommer en struikbonen zijn goede buren van aardperen. Plant naast de aardperen echter geen aardappelen want de planten gaan ondergronds met elkaar concurreren.

Gebruik bij het planten mooie knollen die volledig intact zijn. Je kan de knollen enkele dagen in een bord met water zetten op de vensterbank om de groei van fijne wortels te versnellen.

Plant de knollen op 15 cm diepte en 30 tot 40 cm van elkaar als je ze in volle grond plant. Laat – bij het planten van meerdere rijen – 75 cm tussen de rijen. Indien je aardpeerplanten zet, gebruik je dezelfde afstanden. De groene plantdelen groeien uiteraard bovengronds.

Ingeval je aardpeerknollen in een pot wil planten, kies dan hiervoor de meest zonnige plek uit op je terras. Gebruik een kuip of bak die goed kan afwateren want de knollen houden niet van natte voeten. Een laag groeiend ras zorgt ervoor dat de kuipplant niet zo gemakkelijk omvalt bij storm of onweer. Een drietal knollen per kuip volstaan.

Welke grond is ideaal voor aardperen?

Aardperen groeien het best op een luchtige, waterdoorlaatbare grond met een neutrale zuurtegraad. Net als bij zoete aardappelen, zorgt de teelt op natte grond of bij slechte afwatering voor rotte knollen. Als de wortels de kans krijgen, kunnen ze tot 1 m diep wortelen.

Ingeval potkweek gebruik je een mengeling van tuingrond, compost of wormenaarde en potgrond.

Wanneer aardperen planten?

Aardpeerknollen kunnen worden gepoot tussen november en half april. Ze ontkiemen in het voorjaar.

Wil je starten met aardpeerplanten, zet ze dan tussen begin april en half mei in de grond.

Aardpeerplant

Hoe groeit de aardpeer?

De aardpeer is werkelijk een gemakkelijke plant. Ze stelt weinig eisen aan de grond maar heeft wel voldoende water nodig om tot een goede knolvorming te komen. Te natte grond daarentegen werkt averechts. De knol groeit het best in een luchtige grond. De plant verkiest een zonnige standplaats alhoewel halfschaduw ook nog goed gaat.

Per knol vormen zich 1 of meer stengels. Wanneer de eerste scheuten zich hebben gevormd, kan je de plant aanaarden. Dit betekent dat je de grond rond de plant ophoopt. Zo krijg je betere knolvorming en zitten de knollen goed beschermd in de grond.

Aardpeerplanten bloeien meestal niet maar dat is ook niet belangrijk voor de knolvorming. Ook zonder bloei krijg je dus mooie knolletjes. Enkel de vroegste rassen kunnen bij ons in bloei komen. Mochten de aardpeerplanten toch gaan bloeien, dan kan je de bloemen verwijderen en als snijbloem gebruiken. Ze lijken op zonnebloemen maar in een kleiner formaat. Bloemloze aardperen zullen meer knollen produceren.

Gezien aardpeerplanten tot 3 m hoog kunnen groeien, is het belangrijk om ze goed beschut tegen de wind te planten of ze vast te binden als ze groot zijn. Anders gaan ze gemakkelijk omwaaien of afbreken bij onweersbuien en hevige wind.

Aardperen bemesten?

Aardperen hoeven niet bemest te worden als je dit als hobby teelt, ondanks dit vaak wordt aangeraden. Indien je een luchtige bodem hebt met een actief bodemleven, zorgen de micro-organismen dat de aanwezige voedingsstoffen uit de grond ter beschikking komen van de planten. Aardperen hebben trouwens geen grote meststofbehoefte. Mulchen met wat compost en wormenaarde mag altijd want dit bevordert het bodemleven.

Aardpeer oogsten

Aardperen oogsten

Aardperen die in het najaar of vroege voorjaar geplant werden, kan je oogsten in oktober. Plant je ze pas in april, wacht je best tot eind november om ze te oogsten. Hoe langer je wacht, hoe meer de knollen nog groeien.

Als je de aardperen in de grond laat tot na de eerste vorst, smaken ze zoeter. Dit heeft te maken met het feit dat zetmelen in de knol na een koude periode worden omgezet in suikers.

Het loof hoeft niet dor te zijn om de knollen te rooien. Het gemakkelijkste is om het loof eerst af te knippen met een snoeischaar. Vervolgens kan je de knollen oogsten met een spitvork. Idealiter haal je de volledige kluit er tegelijk uit, dan beschadig je de knollen het minst.

Aardperen kunnen zoals reeds gezegd heel de winter in de grond blijven. Je kan dus ook stelselmatig oogsten wat je nodig hebt.

Aardperen bewaren

Aardperen bewaren

Aardpeerknollen zijn ongevoelig voor nachtvorst en kunnen daarom in de grond bewaard worden. Rooi ze wel eerst want de kans is groot dat er enkele rotte knollen bij zitten. Vervolgens kan je ze terug inkuilen, liefst op een andere plek en afdekken met stro en plastic. Elke beschadiging die ontstaat bij het rooien kan leiden tot rot bij de bewaring.

Na het oogsten de knollen onafgedekt bewaren in een schuur of andere koele plek, is niet aan te raden omdat ze dan snel uitdrogen.

Ik zelf leg de knollen in een bak in laagjes op elkaar en strooi tussen elke laag rijkelijk rijnzand. Ze zullen op die manier niet uitdrogen.

Aardperen woekeren

Aardperen kunnen inderdaad woekeren! Je hoeft maar enkele knollen te vergeten bij het oogsten en ze groeien het volgend jaar uit tot nieuwe planten. Dit lijkt gemakkelijk maar om wortelrot te vermijden, kan je de opkomende planten best verwijderen of herplanten op een ander perceel.

Woekering kan je vermijden door de aardperen in een grote kuip te kweken. De opbrengst in vollegrond is meestal wel groter dan in pot dus dat moet je er dan even bij nemen.

Waarvoor zijn aardperen goed?

Aardperen zijn zetmeelrijke groenten en bevatten ongeveer 80 kcal per 100 gram. Het gaat echter om gezonde, complexe koolhydraten met veel vezels, daarom worden aardperen “gezonde groenten“ genoemd.

Eén van de bekendste stoffen in aardpeer is inuline. Deze plantenvezel wordt na het koken omgezet in fructose, waardoor de knol een zoete smaak krijgt. Ingeval je aardperen echter rauw eet, blijft de inuline behouden als een plantaardige, actieve vezel. De inuline zorgt voor een beter functioneren van de darmen maar tevens houdt inuline koolhydraten beter vast waardoor voedsel langzamer verteerd en de bloedsuikerspiegel stabieler blijft. Mensen met obstipatie en mensen met diabetes kunnen hier voordeel uit halen.

Aardperen bevatten bovendien calcium, ijzer, silicium en Natrium. De mineralen zorgen voor een positief effect bij jicht en reuma.

Ziekten op aardperen

Meeldauw

Aardpeer is net als zonnebloem gevoelig aan meeldauw. Dit zorgt voor een witte schimmel op de bladeren, meestal in de kruin van de planten. Om dit te vermijden, kan Oenosan gespoten worden om de bladeren weerbaar te maken. Dit doe je om de drie weken vanaf dat de scheuten boven de grond komen.

Rattenkeutelziekte

Teveel stikstof zorgt ervoor dat aardpeer gemakkelijk besmet geraakt met de rattenkeutelziekte of Sclerotinia sclerotiorum. De schimmel groeit bij vochtig weer en kiemt op beschadigde plantendelen. Op de stengels tot een meter hoog, ontstaat er dan een schimmelpluis. Dit leidt tot holle stengels waarin zich sclerotiën vormen, mycelium bolletjes die sterk op rattenkeutels lijken.

Bij een vroege aantasting gaat het loof afsterven. Bij latere aantastingen gaan de knollen ook rotten.

Aardperen

Hoe aardperen gebruiken in de keuken?

De aardpeerknolletjes kan je bakken, frituren, stoven of koken. Alles is mogelijk! Maak je aardperen voor de eerste keer klaar, begin dan met een beetje en zorg dat ze goed gaar zijn. Anders kunnen ze nogal een sterk effect op de darmen hebben, bij sommigen zelfs tot diarree leiden.

Is aardpeer blad eetbaar? De jonge blaadjes hebben naar mijn gevoel geen lekkere smaak, een beetje bitter zelfs. In professionele teelt wordt het loof gemaaid en als veevoeder verwerkt.

Nog enkele weetjes!

  • laat de aardperen niet zacht koken. Ze zijn goed als je de vork er met moeite in krijgt.
  • Aardperen verkleuren bruin na het schillen. Dit kan je vermijden door ze meteen in water te leggen.

Voor lekkere receptjes verwijs ik je graag naar mijn blog “de lekkerste recepten met aardperen!”