Sluipwespen

Sluipwespen zijn kleine, fragiele insectjes die aan een enorme verscheidenheid in de natuur voorkomen. Onschuldig voor de mens maar stille moordenaars in de natuur.
... Lees meer
2 producten
Sorteer op

Aphidius Colemani

Wat zijn sluipwespen?

Sluipwespen behoren tot wat men noemt de parasitoïden, ze doden hun gastheer. Dit in tegenstelling tot parasieten die hun gastheer niet noodzakelijk doden (denk aan teken of luizen). De larve van de sluipwesp voedt zich met één enkel ander organisme dat dus gedood wordt en voldoende voedsel geeft voor haar volledige ontwikkeling tot sluipwesp.

Naargelang de soort sluipwesp hebben ze verschillende gastheren en verschillende methodes die ze gebruiken om hun eitjes af te leggen. Sluipwespen zijn dus erg gespecialiseerde insecten.

Voorbeelden: sommige sluipwespen produceren wel 1000den nakomelingen uit één eitje of sommigen leggen eitjes die eerst met een factor duizend in omvang toenemen vooraleer ze uitkomen. Anderen injecteren de gastheer met een gif waardoor deze verlamd of gedood wordt…

De meeste sluipwespen kunnen parasiteren op meerdere soorten als ze tot dezelfde familie behoren. Enkele soorten zijn afhankelijk van één enkel gastheer, wat hen meer kwetsbaar maakt.

Rupsen, bladluizen en witte vliegen kunnen onder andere te beurt vallen aan sluipwespen.

Hoe ziet een sluipwesp eruit?

De sluipwesp is, naargelang de soort, 0.5 tot 30 mm lang. Ze hebben een slank lichaam met een dunne taille. De kop is beweeglijk verbonden met het borststuk. Op de voorkant van de kop staan lange antennen tussen de facetogen. Deze antennen zijn zeer belangrijk als tast- en reukorgaan.

Sluipwespen hebben twee doorzichtige vleugelparen die verschillend in grootte zijn. De twee vleugelparen vormen tijdens de vlucht één gezamenlijk vlak. De beadering op de vleugels is zeer verschillend van soort tot soort.

De vrouwtjes hebben geen angel maar een duidelijk zichtbare legboor aan het achterlijf. Die wordt gebruikt voor eitjes te leggen en gif te injecteren in de gastheer.

Algemene levenscyclus van een sluipwesp

Net als andere insecten doorlopen de sluipwespen verschillende ontwikkelingsstadia.

Ei-afleg: de sluipwesp legt haar eitjes af in de eitjes, de larven of poppen van de gastheer. Uitzondering hierop zijn de bladluizen die als volwassen insect geparasiteerd worden door sluipwespen. Dit is niet abnormaal want bladluizen planten zich levendbarend voort en hebben in het groeiseizoen geen ei of larvestadium.

Samen met de eitjes kunnen de sluipwespen andere stoffen injecteren zoals een gif om de gastheer te verlammen of te doden. Maar ze kunnen ook een stof inspuiten waardoor de gastheer geen of weinig antistoffen gaat aanmaken tegen zijn aanvaller.

Larve: Na enkele dagen kruipt de larve uit het ei. De jonge larven lijken op maden, zijn glasachtig of wit van kleur en hebben geen poten. De larven eten de gastheer geleidelijk op. Pas als de vitale organen worden opgegeten, sterft de gastheer.

Sommige soorten leven letterlijk in de gastheer en eten deze van binnenuit op, dit worden endoparasitoïden genoemd. De sluipwespen die hun gastheer van buitenaf opeten, noemt men ectoparasitoïden. In dit laatste geval wordt de gastheer meestal ingespoten met vergif dat zorgt voor permanente verlamming of de dood.

De larve doorloopt 4 larvale stadia. Op het einde van het 4de stadium is de inhoud van de gastheer volledig opgegeten. Van de gastheer blijft er enkel een mummie over die beige, zwart of bruin van kleur is.

Pop: De verpopping kan zowel in de gastheer als er buiten gebeuren. Diegenen die in de gastheer verpoppen, worden beschermd door de mummie van de gastheer en spinnen niet altijd een cocon.

Als ze buiten de gastheer verpoppen, maken ze wel een cocon. De cocons kunnen zeer verschillend zijn van kleur, vorm en grootte naargelang de sluipwespsoort.

Als de pop rijp is, knaagt ze een ronde opening in de mummie. De rand van de opening is glad en soms valt het dekseltje terug dicht als de sluipwesp eruit is gekomen.

Net voor de verpopping en tijdens de verpopping, zijn sluipwespen gevoelig aan hyperparasitering. Wat is hyperparasitering?

Het gaat om sluipwespen die in andere sluipwespen eitjes leggen. Als de sluipwesp eitjes legt in de larven van andere sluipwespen terwijl de gastheer nog leeft, spreken we van ‘echte’ hyperparasitoïden. De pseudo-hyperparasoïd is een sluipwesp die eitjes legt in de cocons of popstadium van de eerste sluipwesp. De gastheer is dan al dood. In de natuur zie je dit regelmatig bij bladluis mummies.

Volwassen insect: Vanaf de eerste dag dat de sluipwespen verschijnen, heeft de voortplanting plaats. Vrouwtjes paren maar één keer terwijl de mannetjes meerdere keren kunnen paren. De vrouwtjes hoeven niet te paren om eitjes te leggen. Als de eitjes bevrucht werden door een mannetje, brengt dit vrouwelijke sluipwespen voort. Onbevruchte eitjes leiden tot mannelijke sluipwespen. Meestal is de verhouding 2 vrouwtjes- 1 mannetje.

Hoe vinden sluipwespen hun gastheer?

De sluipwespen worden vanop grote afstand aangetrokken door de geuren die planten verspreiden. Planten produceren een specifieke geur (alarmferomonen) als ze worden aangevreten door insecten. De planten roepen bij wijze van spreken om hulp en de sluipwespen komen maar al te graag helpen.

De verspreidde geurstof is specifiek voor de gastheer of zelfs de leeftijd van de gastheer die op de plant zit. Zo geeft een plant die aangevallen is door rupsen een andere geur af dan dezelfde plant die aangevallen wordt door bladluizen. Een sluipwespvrouwtje dat op zoek is naar rupsen of misschien juist naar bladluizen, weet dankzij de geurstoffen precies waar ze moet zijn.

In tweede instantie speelt de geur van de honingdauw mee om de gastheer te vinden en in laatste instantie de geur van de gastheer zelf.

Volwassen sluipwespen leren snel bij. Als ze beloond werden met gastheren, gaan ze in de toekomst specifiek zoeken naar de plantensoort met die geur. Hierbij speelt de geur van de plant zelf als de alarmferomonen die de plant uitzendt een rol.

Hoe lang leven sluipwespen?

Zoals vele insecten kennen volwassen sluipwespen maar een kort leven. De vrouwtjes blijven maar een aantal weken in leven, de mannetjes leven nog minder lang.

Jaarlijks ontwikkelen zich één of meerdere generaties. Dit verschilt erg van soort tot soort en hangt vooral samen met de levenswijze van de gastheer. Bladluizen zijn er onder andere een lange periode terwijl de eikenprocessierups maar een zeer korte periode aanwezig is in de natuur. Daardoor hebben sommige sluipwespsoorten velen generaties per jaar en anderen maar één generatie.

Is de sluipwesp gevaarlijk voor mensen?

Sluipwespen zijn totaal ongevaarlijk voor mensen. Sluipwespen bijten mensen niet. Ze hebben enkel een goede legboor om eitjes te leggen in andere insecten. Als je nog nooit sluipwespen gezien hebt, merk je ze waarschijnlijk niet eens op!

Waar wonen sluipwespen?

Sluipwespen zijn afhankelijk van hun gastheren om te overleven. Dat betekent dat ze in de omgeving leven waar hun gastheren verblijven. En dat ze ook zullen verdwijnen als er geen gastheren meer zijn.

Uit onderzoek blijkt dat landschapselementen zoals heggen en houtwallen een geweldige verblijfplaats vormen voor allerlei insecten waaronder ook vele sluipwespen. Doordat de hagen en heggen veel onschadelijke insecten herbergen, kunnen de sluipwespen deze parasiteren en daarop dus overleven.

Sluipwesp woont in hagen

Jarenlang heeft men in dit kader onderzoek gedaan in een nog belangrijk geriefhoutbos in Nederland. Geriefhoutbosjes zijn kleine bosjes in veenweidegebied met een variatie aan struiken en bomen zoals els, es, wilg, berk maar ook veel besdragende bomen zoals vuilboom, hulst, krentenboompje, meidoorn en lijsterbes. Allerlei soorten motten, vliegen en muggen (onschadelijke voor de mens), bladwespen en vooral sluipwespen vinden daar een onderkomen.

De larven van al die sluipwespen leven op de larven van de andere insecten en zorgen daardoor voor een mooi evenwicht. Bovendien bleek dat er minstens 10 bekende sluipwesp soorten verbleven die bladluizen op landbouwgewassen parasiteren. Interessant gegeven voor de landbouw want de sluipwespen kunnen overleven op de populatie insecten in het bosjes maar tegelijkertijd ook voor balans zorgen in de gewassen op de aangrenzende velden.

Anderzijds voorkomen de sluipwespen door middel van de hyperparasitering dat één bepaalde soort sluipwesp te sterk zou ontwikkelen en zich tezamen met de gastheer totaal zou uitroeien. De natuur zit zo vernuftig in elkaar en heeft onze inmenging echt niet bij nodig.

Je weet dus wat je kan doen als je zelf veel sluipwespen in je tuin wilt aantrekken? Hagen en houtkanten planten! Meer lezen over het belang van hagen, heggen en houtkanten?

Wat kan je doen tegen sluipwespen?

Zoals je hierboven kan lezen, is het een kwestie van ‘voor’ sluipwespen te zijn en niet ‘tegen’. Als je in je tuin spuit met pesticiden of insecticiden, creëer je een plaats waar nog weinig diversiteit aan nuttige insecten zal aanwezig zijn. Je mag dan ook niet verbaasd zijn dat je plagen krijgt die niet door de natuur kunnen gereguleerd worden.

Wat eten sluipwespen?

De volwassen sluipwespen voeden zich voornamelijk met suikers. Gistend fruit, rotte bladeren, bloemen van wilde planten, pollen, bladeren met honingdauw staan onder andere op het menu. Honingdauw is een plakkerige, suikerige substantie die afgescheiden wordt door bladluizen, schildluizen en witte vliegen. De schadelijke insecten zuigen plantensappen en nemen tegelijkertijd suikers op. Het teveel wordt terug uitgescheiden en komt op de bladeren terecht.

Uit onderzoek is bekend dat sluipwespen als biologische bestrijders beter hun werk doen als er bloeiende planten met nectar en stuifmeel aanwezig zijn. Dus dat vormt zeker een belangrijke voedingsbron.

Soms voeden ze zich ook een beetje met de gastheer. Deze gastheervoeding geeft eiwitten die belangrijk zijn voor de ontwikkeling van hun eitjes.

Eikenprocessierups op boom

Wat is het nut van een sluipwesp?

Sluipwespen zorgen in de natuur voor een evenwicht zodat bepaalde motten, kevers of andere insecten niet uitgroeien tot een plaag. De natuur reguleert zichzelf dankzij de grote verscheidenheid aan sluipwespen die hun werk doen. Zonder sluipwespen zouden we veel meer plagen hebben, veel minder groene natuur en veel minder biodiversiteit.

Als er toch een onbalans is ontstaan bij gebrek aan natuurlijke vijanden, denk maar aan de eikenprocessierupsen of letterzetter, dan kan met gekweekte sluipwespen worden ingegrepen. Ook in kassen worden sluipwespen preventief uitgezet om plagen te vermijden.

Sluipwespen tegen witte vlieg

De sluipwesp Encarsia formosa wordt al meer dan 30 jaar gekweekt om de witte vlieg in kassen te bestrijden.

Deze sluipwespen leggen hun eitjes in de larven van de witte vlieg. In de larven ontwikkelen zich dus nieuwe sluipwespen. De larven die aanvankelijk grijswit van kleur zijn, kleuren na een 10tal dagen zwart. Zo zie je het verschil tussen geparasiteerde en niet geparasiteerde witte vliegen.

Witte vlieg

Voor de hobbytuinder worden deze sluipwespen geleverd in popstadium. De poppen van de sluipwesp bevinden zich op handige kaartjes waardoor ze eenvoudig in de planten kunnen worden opgehangen.

Behalve Encarsia wordt ook de sluipwespsoort Eretmocerus veel gebruikt om witte vlieg te bestrijden. Ook zij leggen hun eitjes in de larven van de witte vlieg. Bij Eretmocerus kleuren de geparasiteerde witte vlieglarven beige na verloop van tijd.

Bij Biogrowi kan je zowel Encarsia als Eretmocerus sluipwespen tegen witte vlieg kopen.

Sluipwespen tegen bladluis

Deze groep omvat veel sluipwesp soorten die elk specifieke bladluissoorten parasiteren. Niet interessant voor de hobbytuinder want je moet effectief weten welke bladluis je hebt om de juiste sluipwesp uit te zetten. Voor de particulier zijn larven van lieveheersbeestjes en larven van gaasvliegen interessanter. Ze eten alle bladluissoorten en bovendien vaak ook nog andere schadelijke insecten.

In de natuur zijn de sluipwespen reeds vanaf het begin aanwezig in luizenkolonies. Ze kunnen zelfs met gevleugelde bladluizen die al geparasiteerd werden, passief verhuizen. Zo komen ze op een totaal andere plaats terecht samen met de gevleugelde bladluizen die daar een nieuwe kolonie hopen te starten.

Geparasiteerde bladluizen zwellen op en mummificeren in een later stadium tot witte, bruine of zwarte omhulsels.

De bladluizen blijven echter nog een tijd in leven. Ten gevolg van de parasitering gaan ze nog meer plantensappen opnemen en honingdauw uitscheiden dan normaal. Volwassen geparasiteerde bladluizen kunnen zelfs nog enkele nakomelingen baren

Sluipwesp tegen bladluis

Sluipwespen tegen motten en vlinders

Om rupsen te vermijden, kijken we naar Trichogramma. Deze groep omvat verschillende soorten sluipwespen die parasiteren op eitjes van een grote groep motten en vlinders. In de natuur kunnen deze sluipwespen zich gemakkelijk in stand houden op eitjes van nachtvlinders.

Trichogramma sluipwespen zijn tussen 0.4 en 0.6 mm groot. De sluipwespen leggen hun eitjes in de motteneitjes, de reeds aanwezige rupsen worden dus ongemoeid gelaten. De ontwikkeling van ei tot sluipwesp duurt ongeveer 10 tot 14 dagen, afhankelijk van de temperatuur. De eitjes verkleuren na verloop van tijd zwart. Het zwarte eitje blijft als restant achter nadat de sluipwesp uit het motten of vlinderei is gekomen.

Afhankelijk van de grootte van de motteneieren, leggen de sluipwespen één of meerder eitjes in het mottenei. Zo kunnen er meerdere sluipwespen uit één eitje komen.

De sluipwespen hebben een temperatuur nodig tussen 15°C en 32°C om goed te werken. De ideale temperatuur ligt bij 20°C.

Trichogramma evanescens is de meest polyvalente sluipwesp. Zij parasiteert op verschillende voedselmotten zoals de levensmiddelmot, grote meelmotten, klerenmotten, graanmotten en amandelmotten.

Een andere bekende is Trichogramma brassicae die parasiteert op eitjes van veel nachtvlinders. Onder andere de Turkse mot, kooluil, groente uil, gamma uil en anjerbladroller kunnen met deze sluipwespen worden bestreden.

De Trichogramma sluipwespen worden als geparasiteerde eitjes geleverd op kaartjes. De kaartjes moeten om de 14 dagen vervangen worden gezien sluipwespen maar kort leven. Zo voorzie je een constante aanwezigheid van sluipwespen in de ruimte die je wilt beschermen.

Trichogramma sluipwespen worden op de kaartjes vaak als mix aangeboden waardoor een breder scala aan vlinders en motten kan worden geparasiteerd.